Galerie Het Blauwe Venster


Onbevlekt ontvangen berichten
Schrijversperformance 29dec 2005

home
de directe, nog niet bijgeschaafde teksten

Guido Utermark en Freek Lomme

Start: Freek
Vervolg Guido

Klinker naast klinker, geslagen onder douw. Bling blinkt over zijn harde korps. Gezet legt het zijn onderkoelde, wezenloze contour; languit. Het is een rechthoek. Het is een klinker. Hij biedt zijn korps. Het staat geschreven op straat, door koude bekrood met blinkende doornen.Zo ligt de koude op straat.
Passé. Over. Daad. Keer na keer, over en weer. Men komt, overrompelt en verlaat. Men, mensen kinderen, heer en knecht. Dán drentelt er ene, diegene, op kousenvoeten. Verlegen, vernedert in eer naar geweten. Ene nam geen keer; nam de roep, zocht de weg. ‘Wat een spontane geest, en zo frivool’.

Spontaan in keus: hij was, fel van aard, niet te verwurmen tot schuldbelijdenis; de ketter. Frivool: slepend, intuïtief….leuk.

hij, nu ja, Hij dan. Sloeg zijn slagen over de klinkers, alsof het zo had moeten zijn. Zijn moeder keek toe, dan…toen. Hoe het ook was, hoe het ook zat. Ze stond er bij en keek er naar. Ze zal zijn spontaniteit verafschuwd hebben. Op zulk een moment moet men daar niet over klagen. Het gedane neemt geen keer.

De vader verlaat zich op de zij uitgang. Hij was ooit hier en dan weer daar maar hij was er altijd. Informatie over zijn vorige levens is op internet te vinden. Zo was hij ooit genverbrander naar het scheen. Zijn wij niet allen genverbranders, vraagtekens. Verwoord uw vorige leven. Toets 1 in voor heldendom. Toets 2 voor onbevlektontvangen.
Toets 3 voor losers. Toets 4 in voor terugkeer naar de werkelijkheid.
Toets 5 in om het menu te verlaten.

Als je maar eenmaal op de heenweg bent ben je eigenlijk ook al op de terugweg.

We verlaten het klassieke geroezemoes. We zien de tekens aan de wand.
Wie weet wat wij toevoegen, zonder vraagteken. Vage tekens verdwijnen in zichzelf.
Het beeld is altijd, meestal, vaak, toch wel, regelmatig toegankelijker dan het woord.

Ze hakten de werkelijkheid in stukjes om haar te kunnen verkopen.

Op dat deze woorden ergens opduiken, desnoods massaal of minimaal is twee ogen
met een naam erbij alsof niets alles al van iedereen was.
We leerden onze woorden over stippellijntjes trekken, roos, maan, vis.
Nu bent u hier en gebruikt nieuwe woorden.

1
Nu abrararecadabre simpelsalabim

2
r.o.o.s….m.a.an….v.i.s….

3
vraag opgetekend

4
stukjes met familiare verhouding op straat, uitgang, ingang en gang.

5
De genverbrander liet, uitgeblust, de stenen achter de rug, de gele regenjas aan. Ma keek na, het zuur in de benen. Stil en gammel. Een doek in de handen, een afdruk vergeelend. Pas na vier dagen over kei zou zijn contemplatie compleet zijn. De staat zou afgemaakt worden met bezegeling door kruis. Een berg gezet. Een diepte te nemen.
Het zwaartepunt komt twee dagenlater. De spieren ballen samen in stramme krampen, de krampen ballen samen in een ontladen uitlating. Verkrampt zal slechts een kleine ruimte gepast zijn. De laatste kei, het laatste lood, voegt zich voor de ruimte.

Een geestig atleet, zo zult u wellicht denken.

Origine is hem in schoot gegeven. Een krachtmeting zonder weerga, enkel en zonder ega. hij, nu ja, Hij dan, balde uit. ´Doorrollen, doorrollen, dat beweegt´, maar energie is niet geboden. Kracht an sich is wil zonder weerga. Man zonder fysiek, de abjectie van laatste loden.



De last laat hij achter. De wolken zo licht en doorschijnend. Hij vervalt in zijn val. Hoe langer hij valt hoe dichterbij hij komt. De echo volgt zijn val. Hij werpt nog een hysterische blik over het postkerstkaartlandschap. Dan volgt er een energieke controle terwijl hij net druk aan het werk is. De werkdruk verlaat hem langzaam terwijl hij zijn dagelijkse productie naleest. Het lukt toch iedere dag weer om symbolen te gebruiken. Symboolblindheid is hem vreemd. Krijtpijlen wijzen hem de weg. Hij zal nooit verdwalen omdat de weg altijd de weg is. TAO. Hij spreekt in gedachte over zijn graancirkelbestaan. Niets mysterieus maar dagelijks overal waar te nemen.
Hij peutert de op twee na laatste tabletjes uit hun verpakking. 20 mg extase.
Hij is blij naar het schijnt met ieder uiting van verwarring in de gratis krantjes die je in elke trein kan vinden. Hij verzamelt twee exemplaren om even veel fotos te kunnen gebruiken. In de toekomst. Ja, in de toekomst. Even een nadere beschrijving van de blik die op de foto is waar te nemen. Iemand kijkt in de verte en ziet iets. Wat er te zien is weten wij niet noch hebben wij er een vermoeden van. Kijk dat moeten we hebben. Een blik in de verte, een versnelt afscheid, het vertrek van een straaljager die allang vertrokken is maar waarvan het vertrek nog vers in het geheugen ligt. Of te wel de omschrijving van verbazing al is het maar van jezelf. Zoals de schansspringer weet dat hij gaat springen en enkele seconden zal vliegen en dat enkel de herinnering zal blijven. Maar hij weet al van de herinnering voor hij gaat springen. Dat moment, dat bewustzijn. Hij leeft elke voorspelling vooruit. Zoals de voorspelbaarheid van een chemische reactie.

Hij verviel in zijn val. Hij wist van de opstaande klinker onderwijl zijn neergang. Predestinatie, ook wel. TAO, voor wie wil. Zien, voor hem. Het vermoeden van datgene ontwaarde hij, ondanks het blikveld, te laat. De klinkers zijn hem bekend, hun gevaren zijn benoemd, door hem en door velen met hem. Ondanks dat is er die slopende gang. Ondanks dat slaat hij, o zo spontaan, zijn richting in. Nu lijkt al weer van gisteren: ´ja dahag´. Straks is hij hier weg: een uitdovende afbeelding op ons netvlies. De tweede en de derde persoon keken. Ze gingen. Hen was geen tijd gegund. De eerste de beste werd zijn toekomst gegeven.

Klink klare onzin gezet in elke mogelijke voorspelling. Vooruit: zijn we werkelijk verder…

Deze tekst, één maal gedrukt, bestaat uit 20 mg inkt. Ik ding er niet op af. Verkocht is verkocht.


´4`




(tekeningen: Peter Bremer, René Brouns, Fred van Duijnhoven, Harmjan Roeles)



Deel 2:
Start: Guido
Vervolg: Freek


Het ritueel



Goedenmorgen
Alstublieft
Dank u wel
Tot ziens



Drijfijs in paradijs


Rozerood streept het ochtendlicht
De suikervelden van de nieuwbouw
Snelwegen transponeren zich tot akkerbouw
Veeteelt verlaagt zich tot vegetarisme


Een kind jengelt om jinglebell
Grauwe jassen, diepe zuchten
Straaljager hangt in het blauw
Ja dit is het ware leven wel







De wolk die mij bracht

Zolang we praten kunnen we het
misverstand in stand houden
de wolk die mij bracht
is niet die wolk
maar dat begreep u ook al
Verblinding/verblinking


De zon vreet aan
de donkere wolken
hier ver vandaan
voel duizend dolken
door mij gaan

zo geel, zo goor
de trein rijdt alsmaar door

kledingcode; de regenjas
die ooit symbool was
van politieke overwegingen
verdwijnt in merkloze sporttas

men spreekt af
op de afgesproken plaats
buiten ( besneeuwde velden )
oogopslag ( geen vorm van belasting )
strakke gezichten ( overdosis botox? )


als Hemelse lichamen
Stijgen op
Dalen ballen in,
Halte; uitzicht op

Daar zitten ze dan
Gasten van horen
Volgens zeggen
En zo wordt geschreven

Vlieg op,
Verlies geen hoogte
Zitten we wel op de goede
De maat is daar
Door uitzicht gevoerd
Gevoed maar


Luchtige toetjes
Vervullen vacuüm
Vezels vervallen
Gewichtloos knallen.

Zak in,
Neem in,
Begin
Uitzicht.

Neem die gele regenjas,
Keer naar grijs,
Draai weg van tocht:
Zak in; begin etc.

Gele jassen zijn vrij geschikt hier voor.
Ze hebben een soort herkenning
Over zich


Het moet er op liggen om
Er uit te komen
Het moet er niet uit komen
Om er op te liggen


Draai om
Voorkom
Mallemolen

Op toerbeurt
Is alles mogelijk

Wanner uitzicht op aangedaan

Stand: mis
En ver
Is de rand van wat dit zou brengen
Indien eind uit zich
En suiker naar de zuid
Ochtendlicht voor nieuwbouw

De formaliteit huist in de hoogte
Alledaags neemt ze, n.l.
Een luchtig procédé
Waarmee ze, ingedikt,
De tijd niet gunt.




Einde





Een nieuw begin.

Ik drenk me in een denktank.
De pauze vult zich met herhalingen.
Ik hoor, ik heb wel geen mobiel.
Ik verval, verval, verval, verval in herhalingen.
De ochtendkrant bevestigt onze vermoedens,
die wereld bestaat dus nog.
Herinnering aan een acteur die kort geleden overleden is.
Hij zit niet in die trein maar hij lijkt er wel op.
De details ( schoenmotief)
Kapsel ( kort )
Armband ( gezondheidsmodel)
De stad vermomt zich in gezelligheid.
Kronenburgpark heeft dat niet nodig.

Een vrouw met een rode sjaal twijfelt of ze naast me zal gaan zitten. In een beweging besluit ze het niet te doen.
Een moeder excuseert zich t.o.v. haar dochtertje over de uitvoering van jinglebells.
Een man vertelt: Ik was bezig met internetbankieren maar ik
kwam dat hele internet niet op. Daar houd ik niet van, het moet gewoon werken bij mij.
Zoals elke postbode kent ook deze postbode de weg.
Het is altijd dichterbij dan je denkt. Het is misschien wel nog dichterbij dan je in je mooiste dromen had kunnen denken.

Eertijds droomde hij van koek en ei. Eerst ei wel te verstaan. Op brood welteverstaan; vanzelfsprekend met boter en een snufje reguliere specerijen (peper en zout). Daarna, zo droomde hij, zou hij het pak aanbreken waarop country cookies vermeld staat. Dit zou hij niet lezen maar weten, immers, hij had het pak zelf aangeschaft bij de lokale buurtsuper welke hij visiteerde na bezoek aan zijn tante. Zijn tante woont bij hem om de hoek en dan, vervolgens, zon drie kilometer verderop, rechtdoor over de enige weg die richting zijn tante leidt; de weg waar zij aan woont, de weg bij hem om de hoek. Dit echter was, zo zou hij zich des ochtends herinneren, larie; hij gaat naar de buurtsuper, maar tante woont niet drie kilometer, maar 500 meter die straat in. De hoek was ongewoon scherp, ondanks het feit dat deze hoek hem al sedert zijn jeugdjaren bekend was. Het pleintje, net voor de hoek; het pleintje waar hij aan woont, is het pleintje waar hij is opgegroeid. Hij woont in het huis van zijn ouders, zijn ouderlijk huis, zij het op een enkele etage, te weten de begane grond. De rest behoeft hij niet. Hij verhuurt de eerste en tweede etage en, ondanks het feit dat de tweede etage geen eigen sanitair bezit, verhuurt hij deze apart. Dit is eveneens larie: hij verhuurt de eerste en tweede etage aan één en de zelfde persoon (dit is hij des ochtends vergeten). De huurprijs voor de eerste etage alleen al is voldoende om hem driemaal daags een uitgebreide Russische schotel te verschaffen. Desalniettemin neemt hij zijn ei graag enkel op brood met een laagje boter. Over kosten hoeft hij zich ook geen zorgen te maken. Hij kan uitgebreider beleggen, maar doet dat niet. Vandaar dan ook dat hij geen schuldgevoel overhoud aan zijn bezoek aan de dure buurtsuper. De buurtsuper is immers een kleine zaak, en gaat ter nauwer nood niet onder in de concurrentie met de mega buiten de stad, met ruime parkeergelegenheid. De buurtsuper behoeft geen parkeergelegenheid: haar klandizie komt niet gemotoriseerd. Zelf neemt hij altijd een plastieken tas mee, zo één die er altijd wel ergens ligt en die men krijgt bij overige boodschappen wanneer men toevallig geen plastieken tas bij zich heeft. In werkelijkheid heeft hij geen plastieken tassen: dit vind hij ‘slecht voor het milieu’, en heeft hij een, op het zicht, kleine stoffen tas met kleine binnenzak voor bijvoorbeeld portemonnee (hij doet hier spaarkaarten in: altijd bij-de-hand). De dag tevoren had hij in zijn plastieken tas, licht watertandend, een pak country cookies, een fles grenadinesiroop en, tot slot, een op de valreep aangekochte Bounty.

Mmm, en een fles Fernades voor het tropische gevoel.
Het lichaam is toch een vreemdvoertuig. Zo stapt hij geruisloos over de klinkers de juiste richting op want dat is altijd het beste, de juiste richting, de verkeerde kant kan je altijd nog opgaan, te zijner tijd. Maar nu eerst de juiste richting. Dat was het beste op dit moment. En niet te veel zeuren over het weer want daar was toch niets aan te doen.
Hoewel een goed gesprek over het weer hem niet vreemd was. Het weer is er voor iedereen net als de belasting dienst zal ik maar zeggen. Maar ja van het een komt het ander. Ben je net aan een goed gesprek over het weer bezig verandert als een donderslag aan heldere hemel het onderwerp zich naar de belastingdienst of krijg je een opmerking over je plastieke hippe tas te verduren.
En dan hebben we nog niet eens over de inhoud van eerder genoemde plastiekentas.
We moeten dapper voorwaarts dat is een ding dat zeker is.
Met of zonder plastieken tas. Wat heb je nou aan een plastieken tas? Ik droomde laatst dat ik naar de buurtsuper moest met een plastiekentas maar ik wist niet meer waar die tas gebleven was en ik moest daar echt op tijd zijn want ik wil overal op tijd zijn. Dat is wel zo prettig voor de ander.
Stel nou dat iedereen maar naar supermarkt gaat op zijn eigen tijdstip, dan wordt het een zooitje, dat lijkt me wel duidelijk. Maar enfin ik werd wakker en pakte de tas en ging naar die supermarkt maar toen bleek ik nog te dromen dat ik geen lijstje bij me had en ja wat moet je dan kopen?
Er is zoveel keus en je kan alles wel naar je huis meeslepen. En dan zal je zien daar krijg je weer praatjes van. De buren letten altijd goed op daar was hij wel zeker van. Dat was laatst ook wel gebleken toen hij met ..







(tekeningen: Peter Bremer, René Brouns, Fred van Duijnhoven, Harmjan Roeles)

Onbevlekt ontvangen teksten: www.onbevlektontvangenteksten.web-log.nl

Belangstelling ? Bel 024/ 3562225
of E-mail: info@hetblauwevenster.nl
home