Hoewel u zich met een dikke jas, muts en handschoenen redelijk tegen de kou kunt wapenen, is lange-afstands-wandelen toch een beetje een bezigheid voor het latere voorjaar, de zomer en het vroege najaar. (Al was het maar omdat campings van april tot en met september open plegen te zijn.)
Dat betekent dat u van oktober tot en met maart in relevante mate op voorpret aangewezen bent. Geen nood. Gewoon een kwestie van boekjes uit de bibliotheek lenen, en uitgebreid gaan zitten bedenken wat u leuk zou vinden. (Aangezien deze bezigheid toch redelijk excentriek is, zult u nog wel eens een keer een boekje moeten bestellen. Dat kost niet eens zoveel, en de meeste bibliothecarissen hebben best aardigheid in het opsporen van bijzondere boeken. Weer eens wat anders dan afstempelen.)
U kunt natuurlijk een boekje nemen in de stijl van "25 dagwandelingen op de Veluwe". Niets mis mee. Hoewel de kwaliteit van de routebeschrijving en met name van de kaartjes soms wat wisselend is, zal de auteur zijn/haar best hebben gedaan om u eerlijk en objectief te informeren.
Een andere aanpak is gebruik te maken van een van de bekende LAW-boekjes. Of u dan zo'n hele wandeling doet of een deel eruit, mag u zelf weten. Ik heb echter de indruk dat er best wel saaie stukken in zo'n route zitten. Daar kunnen de route-uitzetters ook niets aan doen; dat industrieterrein is er nu eenmaal.
Hoe kies je daar nou een leuk stuk uit? Hoe bereidt u zich verder voor? Ik denk dat dat ook afhangt van de mate waarin u met kaarten kunt omgaan. Volledigheidshalve daar dus ook een paar alinea's over.
Ik ben een kaartenfreak. Als ik ooit een hele nieuwe loopbaan zou moeten kiezen, zou ik best wel iets voor cartografie voelen. Ook al heb ik een gedetailleerde kaart in mijn handen, als ik langs een bord met een plattegrond kom kijk ik er altijd even op. (Ik stond eens een topografische kaart te vergelijken met een bord met uitgezette wandelroutes. "En?" "Als het goed is zouden ze een zekere verwantschap moeten vertonen." Gegrinnik van iemand die naast ons stond.)
Sommige mensen hebben weinig moeite met het interpreteren van een kaartbeeld, anderen blijven het lastig vinden om die symbolische toestanden op een stuk papier te relateren aan de driedimensionale werkelijkheid. Je hebt dat of je hebt het niet, tot op zekere hoogte.
Elke kaartenmaker heeft zijn eigen "stijl", als het ware. Met Michelin-autokaarten kan ik lezen en schrijven, die van de ANWB blijf ik lastig vinden. Als wandelen relatief nieuw voor u is, zult u waarschijnlijk moeten wennen aan de stijl van de topografische kaart. (Aannemelijk is dat u ofwel die kaarten gebruikt, ofwel daaraan ontleende kaarten. De LAW-gidsjes hebben ze. De reden dat er nogal wat wandelgidsen hun eigen kaarten hebben is vermoedelijk dat de Topografische Dienst geld vraagt voor het mogen overnemen van hun materiaal. Daar moet de schoorsteen tenslotte ook roken.)
Die topografische kaart is, uiteraard, gedetailleerder. Maar vooral ook minder symbolisch. (Voorbeeld: hoogspanningsleidingen zijn zeer bruikbare oriëntatiepunten. Op autokaarten komt u ze meestal niet tegen.) De vraag of een bosje bestaat uit naaldbomen of andere bomen, is voor de vraag "waar ben ik nu" misschien best belangrijk. Kerktorens, bruggen en dergelijke boven het maaiveld uitstekende zaken staan er bijna steeds op aangegeven. Aan u om al die dingen te benutten.
Als het bovenstaande voor u iets anders is dan een open deur, is het misschien een idee om de topografische kaart van uw eigen omgeving te laten aanrukken, en eens op de fiets te klimmen. Stap af en toe af, en beredeneer hoe u op de kaart zou moeten kunnen zien dat u nu hier bent. ("Goed, ik zou nu de schoorsteen van de steenfabriek vlak links van de kerktoren moeten hebben, want als ik langs die twee dingen een rechte lijn trek zou die op het volgende kruispunt moeten uitkomen.") Op die manier krijgt u, althans dat zou ik verwachten, na enige tijd wel een gevoel voor de manier waarop deze kaartenmakers uw omgeving "vertaald" hebben.
Toch even een minpuntje over die topografische kaarten: ze houden de Nederlandse projectontwikkelaars niet bij. Het is doodgewoon dat een stuk dat op de kaart landbouwgrond is, intussen volgebouwd blijkt te zijn. Dat kan soms vervelende gevolgen hebben: als de kaart aangeeft dat u, bij nadering van een dorp, 400 meter voor het begin van de bebouwing linksaf moet, en u niet doorhebt dat de bebouwing inmiddels een stuk is opgerukt, slaat u te vroeg af. En de sanctie op fout lopen is dat u die fout met uw eigen benen moet herstellen. Een mogelijke hulp: ergens aan de rand van een kaart staat wanneer hij voor het laatst is bijgewerkt. Als u dan ook nog in staat bent om de ouderdom van een nieuwbouwwoonwijk nauwkeurig te schatten, kunt u zelf een correctiefactor toepassen.
Overigens: kaarten en routegidsen zijn geschikte dingen om te vragen voor verjaardagen, Sinterklaas en zo.
Welke afstand u per dag haalt, is afhankelijk van vele factoren. Voor een eerste keer zou ik 20 km per dag (met bepakking) al helemaal niet slecht vinden (voor iemand met een gemiddelde conditie). Ik reken voor mezelf met bijna 5 km per uur aan het begin van de dag en bijna 4 km per uur aan het eind van de dag. Daar komen nog enige rustpauzes bij, en in geval van heuvels moet u daar ook een aftrek voor toepassen.
En dan gaat u in feite kilometers tellen. "Als ik bijtijds wegga, heb ik de trein van ... en dan ben ik ... op mijn beginpunt." Plan het zo dat u royaal op tijd op uw bestemming voor die dag bent, dan hebt u wat speling. Zo om een uur of 5 zult u toch wel vinden dat het mooi geweest is, en uw tent willen opzetten. En dan komt er vanzelf een eerste idee voor een meerdaagse route uit de bus. Soms zult u "vastlopen", bijvoorbeeld omdat er aan het eind van dag 3 nergens een camping te vinden is. (Tip: op de kaarten in de LAW-gidsjes staan niet alle campings vermeld, heb ik gemerkt. Misschien kan het VVV u verder helpen.)
Verder pleeg ik nogal wat tijd te steken in uitzoeken waar bussen rijden en hoe vaak die gaan, waar supermarkten en horeca is, en dat soort dingen. Ik pleeg per wandeling dat soort details op een A4-tje te zetten. "Juinen: Vivo Jansen, Dorpsstraat 18, 200 m N van de kerk. Café De Rustende Jager, Parallelweg 116, 300 m Z van melkfabriek. Bus 146, elk uur .12, laatste bus 17.12, zondag 15.12." (De digitale telefoongids heeft een plattegrond, die weliswaar niet exact is, maar u wel een goed idee geeft of die supermarkt midden in het dorp is of niet.) Verder pleeg ik de kaarten van de route even onder de kopieermachine te leggen, en in een plastic mapje te stoppen. Dan is het redelijk beschermd tegen regen, en als het toch nat wordt geeft het niet. En u kunt er aantekeningen op maken. (Iets anders is dat het de moeite waard is om een eigen collectie wandelgidsjes op te bouwen.)
Ik heb eigenlijk continu een paar van dat soort plannen op de plank liggen. Af en toe haal ik ze te voorschijn, en zit ik er weer wat aan te prutsen. En ik heb het gevoel dat, los van het plezier dat je eraan beleeft, het ook nuttig is om je goed voor te bereiden.
Nog even terugkomend op de afstand die u denkt te kunnen afleggen: ik wil u een citaat van een expert (Fokko Bas, van boekhanxdel Pied à Terre) niet onhouden. "Wat je ook meemaakt, er zijn mensen die geen idee hebben hoeveel kilometer ze op een dag kunnen afleggen. [Volgt rekensom die uitkomt op 40 kilometer per dag.] Idioot natuurlijk, want in dat sommetje wordt geen rekening gehouden met de extra last van een rugzak, met rustpauzes en met ander oponthoud. Twintig tot vijfentwintig kilometer op een dag, dat is behoorlijk, zelfs inzo'n vlak land als Nederland. Een goede planning en realistische voornemens, dat hoort ook bij wandelen." (Bron: Op Pad, mei/juni 2001, p. 24.) Ik ben het geheel met de laatste zin eens, en kan voor het overige slechts constateren dat er bij mij, met dik 30 per dag, inmiddels diverse draadjes los zitten.
Ik heb er hierboven op gewezen dat topografische kaarten niet altijd up to date zijn. Dat geld (helaas) soms ook voor de routebeschrijvingen van de LAW-paden. Misschien nuttig om te weten: het Wandelplatform heeft recent zijn website aangevuld met actuele wijzigingen per wandelroute. In een land dat voortdurend bloot staat aan de terreur van de vooruitgang moeten wandelaars zich regelmatig aanpassen... Maar met een uitdraai van de betreffende pagina, en enige kaartleesvaardigheden, zou u een eind verder moeten komen. Surf naar www.wandelnet.nl, kies dan in de kop "wandelroutes", en kies dan de betreffende route, en dan kijken of er onder Actuele informatie staat dat er wijzigingen beschikbaar zijn. Een zeer nuttig gebruik van het Internet!
Toch nog even wat opmerkingen over onderdak. Ik ben een kampeerfreak, zoals u al hebt vastgesteld. En ik geef de voorkeur aan zo simpel mogelijke campings. Top of the bill: de paalkampeerterreinen van Staatsbosbeheer. Er zijn er helaas slechts een dikke 20 van. En verder variëren campings in Nederland enorm. Die campings-bij-de-boer zijn het leukst. En aan de andere kant van het spectrum hebben we afschuwelijke kampeerfabrieken, waar ze zeer raar opkijken als er iemand met een rugzak arriveert. Maar ja, soms heb je weinig keus.
Campings zijn niet echt goedkoop. Meestal hebben ze gewoon een tarief voor "een plek", en dat u slechts 3 vierkante meter in beslag neemt doet niet terzake... Ik vind 10 euro voor een tentje van 2,5 x 1 meter tenminste knap aan de prijs!
In het hoogseizoen en in populaire gebieden is het nuttig om van te voren even te bellen. O ja, en ze willen als je je inschrijft een legitimatiebewijs zien. Ik ben er een keer doorheen gekomen met een pasje van de bibliotheek plus een kennelijk betrouwbaar voorkomen, maar het schijnt verplicht te zijn.
En behalve kamperen is er nog zoiets als bed & breakfast. De plaatselijke VVV weet er vast meer over. En als u van plan bent om dit soort dingen vaker te doen, zou u eens bij (Vrienden op de Fiets) kunnen langssurfen. U krijgt voor een vaste prijs (op het moment van schrijven EUR 15,-- per persoon) een onderkomen plus een ontbijt. Wandelaars worden echt niet geweigerd, zo heb ik begrepen.
Of en in hoeverre wildkamperen een optie is kan ik niet goed beoordelen. Ik heb het zelf twee keer gedaan, maar dat was in beide gevallen omdat ik de beoogde legale kampeerplek niet kon vinden. Ik kreeg geen problemen met gezagsdragers. Maar ik denk dat u het bijvoorbeeld in Zeeland niet zou moeten proberen.
Mocht u het willen proberen, dan zult u zich zeer low-profile moeten opstellen. Ergens in een bosje, zoveel mogelijk uit het zicht van wegen, en de tent pas opzetten als het gaat schemeren, en 's ochtends weer vroeg wegwezen. Zoiets. En als u een boete oploopt: ik heb het u niet aangeraden.