| 1 |
met de hand beginnen, dan in het midden en vlak; dat is de koninklijke methode |
| 2 | de knie strijken, met de lans drukken en zich trots en onbuigzaam tonen |
| 3 | de lans in het kruis drukken, dan langs de knie en direct op het hoofd slaand |
| 4 | de lans in het kruis drukken, dan langs de knie en het hoofd splijten |
| 5 | de lans in het kruis drukken en op het hoofd slaan, dan omdraaien en steken |
| 6 | het gouden kind geeft met jadekleurige armen een boek aan |
| 7 | de wind wervelt door de pruimenbloesem, dan de keel afsluiten |
| 8 | omdraaien, hieltrap en de slang op de lans prikken |
| 9 | de gouden draak slaat met zijn staart; ononderbroken draaien |
| 10 | aan de haak hangend, dan in het midden en vlak; dit is de beste methode |
| 11 | de wind beweegt de lotusbladeren; ononderbroken draaien |
| 12 | de gouden haan staat op één been en de niets ontziende wordt gerustgesteld |
| 13 | eenzijdig het paard voorbij, neer drukken en de middelste, vlakke vorm |
| 14 | knie strijken, op het hoofd slaan en de vloer aanvegen |
| 15 | de wilde tijger springt over de bergbeek; boven het hoofd cirkelen |
| 16 | de vloeddraak komt uit het water; dat is de beste methode |
| 17 | de lans in het kruis drukken, op het hoofd slaan, en de tijger slaat met de staart |
| 18 | links, rechts, in het midden; bezig zijn met stap wisselingen |
| 19 | een op de grond liggende slang verspert de weg en de vorm die zich verbergt |
| 20 | de feniks spreid zijn vleugels alleen naar de zon |
| 21 | heel behendig boven het hoofd cirkelen |
| 22 | de vogel gaat terug naar het bos om te slapen en dan een tegenstoot |
| 23 | de gouden draak slaat met zijn staart en terug naar de zee |
| 24 | de luit omarmen en naar de geboorteplaats teruggaan |
| | |