het zwaard is de koning van de wapens. de vaardigheden in het gebruik van het
zwaard bouwen op de beheersing van het sabel, de basis van de wapens. de zwaard vorm is in
de wu stijl de laatste (wapen)vorm die men leert.
het zwaard is een wapen met twee scherpe zijden. hierdoor is het niet geschikt om zware
slagen te blokken want daardoor zouden de zijden bot worden. slechts een kort deel bij het
vest is geschikt op slagen op te vangen.
de zwaardvechter zal proberen de opponent op een grotere afstand te houden zodat hij de
scherpe punt van het zwaard kan inzetten.
het gebruik van het zwaard vergt niet alleen spierkracht maar ook qi. de gebruikte
technieken zijn verfijnd en het kost veel tijd en training om ze onder de knie te krijgen.