








|
De Austin Motor Co. Ltd. werd in 1908 opgericht. Herbert Austin werkte bij Wolseley. In 1905 richtte hij zijn eigen automerk op onder de merknaam: Austin. Met in 1906 een productie van 100 automobielen , in 1910 maakte hij al 1000 personenauto’s! Austin ging ook over op de productie van lichte bedrijfswagens. In 1913 kwam Austin met de éérste truck uit, een 2 à 3 tonner met een vreemde constructie, de radiateur was achter de 29 pk sterke vier cilinder benzinemotor geplaatst – een opstelling die destijds ook bij Renault en Mack gangbaar was. De achterwielen werden aangedreven via vier versnellingen met aparte aandrijfassen op beide wielen. Er werden ongeveer 2000 van deze trucks gebouwd, daarna trok Austin zich tot 1939 uit de truckproductie terug. |
|
Austin K [Birmingham] |
|
Bedford |
|
Er kwam een nieuwe lijn 1,5 - 4 en 5-tons modellen uit, die erg veel op de Bedford trucks leken! Ze hadden dan ook de naam : “Birmingham Bedford”
|
|
Austin zelf duidde de wagens als “ K ” modellen aan. In de Tweede Wereldoorlog werden grote aantallen van deze wagens als legertrucks geproduceerd. |
|
Na de oorlog bleef de ‘ K ‘ lijn vrijwel ongewijzigd in productie, maar in 1950 kwam er een fraai nieuw model op de markt, de: Loadstar De Austin-Loadstar werd ook geleverd met Perkins dieselmotor. |
|
< Herbert Austin Geboren op 8 november 1866. Hij kreeg de titel Sir nam zitting in het parlement en overleed in 1941. In 1951 vond de belangrijke fusie plaats met de Austin en de Nuffield organisatie - die de Morris Commercial trucks produceerde - onstond de British Motor Corperation. Omstreeks 1955 gingen Austin en Morris dezelfde modellen bouwen. Er kwam een nieuwe modellenlijn met frontstuurcabines van de Willenhall Motor Radiator Co. uit. |
|
Austin - Morris |
|
Motoren Er werden eigen BMC dieselmotoren ingebouwd: de grootste was de 5,1 liter 105 pk zescilinder, die was bestemd voor de in 1955 uitgebrachte 701 7 tonner. Later kwam hiervan een 5,7 liter 120 pk uit. Deze 120 PK 5,7 ltr werd als underfloormotor in de FJK serie gebouwd. |
|
5,1 ltr 105 PK BMC Dieselmotor |
|
Het nieuwe ontwerp van Austin-Morris [BMC] was de FG-serie, met een 4 cilinder dieselmotor en laadvermogens van 1- tot 5 ton. Deze trucks waren uitgerust met nieuwe cabines waarvan de portieren in de achterste hoeken waren geplaatst. Dit zou de veiligheid ten goede te komen, maar bij het uitstappen moest men juist extra op het verkeer letten! Men stapte te gemakkelijk uit! De deur kon altijd geopend worden, ook tijdens het rijden! De FGK-100 was voorzien van een 6 cilinderdieselmotor, om deze te plaatsen werd de truck voorzien van een neusje. |
|
5,7 ltr 120 PK Underfloor BMC dieselmotor |
|
In 1961 werd de nieuwe BMC truckfabriek in de Schotse stad Bathgate geopend. In 1964 kwam men met een nieuw model uit!, de FJK serie, de éérste Britse truck met een kantelcabine. Na de fusie in 1968 met ; Leyland Motor Corperation kwamen alle modellen van Austin en Morris op de markt onder de merknaam: BMC Onder de merknaam: Leyland redline kwamen alle merken BMC vanaf 1970 op de markt. |
|
FJK Serie |
|
Leyland/BMC Redline met een cummins V-8 Turbo |
|
Later werden de trucks weer onder de merknamen: Austin en Morris uitgebracht, maar vanaf 1968, werden in de nieuwe fabriek in de schotse stad Bathgate trucks met merknaam: BMC geproduceerd. Na 1970 werden deze wagens als Leyland Redline modellen aangeduid. |
|
In 1964 verleende de British Motor Corporation aan BMC Sanayi ve Ticarat A.S. een nieuw bedrijf uit de Turkse stad Izmir, een licentie om trucks te bouwen. De productie begon in 1966. Sommige wagens hadden een cabine in Engelse stijl, andere kregen een in Turkije gebouwde cabine. BMC Turkije assembleerde ook Landrovers en landbouwtrekkers. De in Izmir vervaardigde trucks waren voorzien van ter plaatse in licentie vervaardigde Leyland dieselmotoren. |
|
In 1983 sloot BMC een licentie overeenkomst met de Zweedse truckfabrikant Volvo, en in 1985 met de Cummins Engine Co. Na de verbintenis met Volvo bracht BMC de Faith modellen uit, die over turbodieselmotoren beschikten! Deze serie omvat wagens met maximum gewichten van 17 tot 27 ton. |
|
De cabines Zijn ontwikkeld uit de oude Leyland Redline G cabine. In 1994 kwam BMC met de professionals, die in dezelfde gewichtklasse worden gebouwd en zijn voorzien van hyper moderne , door de bekende stylist Pininfarina ontworpen cabine. Als krachtbronnen fungeren 6 liter Cummins B - series dieselmotoren. In Engeland werd dezelfde truck als ERF EP6 op de markt gebracht..
|





