Bakken

Bakken kan ik dus niet, maar Irene wel. Dus geven wij thans de microfoon over.

Stel dat er eens een feestje is en je dochtertje van 5 wil heel graag dat je iets bakt. THIS IS THA PLACE TO BE!!!!!!!!!! In ieder geval hier staan wat bakrecepten, misschien heb je er iets aan.

Gewone cake

200 g bloem
200 g suiker
200 g boter
5 eieren
zakje vanillesuiker
cakevorm
mixer

Het maken van het beslag duurt niet zo lang, dus begin met de oven aan te zetten op 175 graden. Boter (in blokjes, handig als 'ie al even uit de koelkast is, dan is ie zacht), eieren en suiker (vanillesuiker valt ook onder suiker) in de keuken machine of kom. Mixen (met de gardes) en onder voortdurend mixen de bloem erbij. De vorm invetten met boter. (Met een kwastje, maar mag ook met je vingers.) Let er op dat de cakevorm groot genoeg is: hij moet met het beslag voor maximaal ongeveer een derde vol zijn. (Anders loopt de cake de oven uit.) Zet de cakevorm in de oven, niet op het bakblik maar op het rooster want dan kan de hitte er aan alle kanten bij. 1,5 uur bakken op 175 graden.
Bon Appetit!

Suggestie van Hans K: wat geraspte citroenschil erbij doen. Lijkt niet verkeerd!

Chocolade variant:
1 theelepel cacao erbij en voor een heel lekker effect 1 eetlepel geraspte chocolade, hoeft niet.

Boterkoek

240 g bloem
200 g suiker
200 g boter
1 ei (half erin, half erover, gaat 'ie mooi van glanzen)
boterkoekvoem (daar zit zo'n schuifje onderin waarmee je de koek los kan snijden)
keukenmachine (geen mixer, want hier komt teveel kracht bij kijken)

Alles bij elkaar in de mengkom van de keukenmachine, even mixen (met het plastic sikkelmes) tot het een bal is. Vorm invetten met boter, en het deeg in de vorm duwen. De andere helft van het ei met een lepel over het deeg strijken. En 25 min. op 175 graden bakken, ook weer op het rooster.

Moeilijker maak ik het niet, maar er is op internet nog veel meer te vinden, en misschien is er nog een moeder, tante of buurvrouw die graag bakt, en die hebben meestal de lekkerste recepten.

Havermoutkoek

En nog eentje van Irene. Ik begin met de letterlijke tekst zoals aangeleverd, met daarna de dialoog zoals zich die ontwikkelde. Om even aan te geven hoe hij smaakt: "Eerst waren er nog acht stukjes, en toen namen we er elk één, en toen waren ze op." (verklaring van Marc voor plotseling lege trommel).

2 bekers havermout
2 bekers bloem
2 bekers bruine suiker
2 bekers rozijnen
2 eieren
125 gram gesmolten boter
springvorm

Door elkaar en plusminus 20 minuten op 200 graden.

Ja kijk es, Irene, zo snappen ze het niet.

Nou dan leg je dat verder zelf maar uit. Lijkt me toch duidelijk zo.

Um, nee. Niet voor dit lezerspubliek. En trouwens, dit is geen SMS, we hoeven het niet in 160 tekens te persen.
In uitgewerkte vorm ziet het aldus uit. Verwarm de oven voor op 200 graden. Vet een springvorm in met wat margarine. Smelt 125 gram margarine in een steelpannetje. Doe de overige ingrediënten in een beslagkom, voeg de gesmolten margarine toe en kneed tot het een samenhangend, egaal deeg is. Neem daar even de tijd voor. Verdeel het deeg egaal in de springvorm. Schuif de springvorm in de oven, haal hem er na ongeveer 20 minuten uit. De koek moet niet meer glimmen en niet meer borrelen, en mooi donkerbruin zijn. Haal hem uit de oven en laat hem 10 minuten afkoelen. Snij dan met een scherp mes de zijkanten los, en klap de springvorm open. Laat hem verder afkoelen. Wrik dan met een lang dun mes de koek los van de bodem. Kijk, zo leg je zoiets nou uit.

Die klunzen van jou moet je ook alles uitleggen.

Tot zover Irene. Thans een recept dat mevrouw A.J. mij toestuurde.

Brioches

"Ik maak mijn 'brioche-deeg' in een broodmachine. Als het deeg klaar is, maak ik er aparte broodjes van en bak die in mijn oven af.

VOOR DE BROODMACHINE:
500 gr bloem
100 gr. boter
40 gr. verse gist
3 eieren
4 volle eetlepels suiker
200 - 250 ml melk (2,5 dl)afhankelijk van de eiergrootte
Een puddinglepel zout

Gist even aanmaken met wat warm water, bloem in de broodmachine, zout aan de kant verbergen in de bloem, in het midden een kuiltje, melk verwarmen, boter erin smelten en een beetje laten afkoelen, eieren een voor een (of losgeklopt) in het kuiltje, gist erbij en dan de machine aanzetten. De rotor gaat draaien en dan in een dun straaltje het melk-botermengsel erbij. De machine zorgt zelf voor mengen, kneden en rijzen. Tot zover mijn recept voor mijn brioches die ik op een heel eigen manier verder bereid.

RECEPT VOOR MET DE HAND.
Tot en met de eieren dezelfde ingredienten, alleen neem ik een ei extra en pas weer de melkhoeveelheid aan. Ik stort het meel in een kom, en begin met de kneedhaken van mijn mixer want het is klef deeg.
Als alles tot een soepel, wat plakkerig deeg is verwerkt het deeg goed en lang laten rijzen. Neerslaan met bebloemde handen en snel doorkneden want het plakt flink. Deeg in bolletjes verdelen en van elk bolletje weer een klein puntje afnemen. De bolletjes (ca. 40 gram) in beboterde briochevormpjes doen (hoge cake-vormpjes). Met de wijsvinger in het midden een gat prikken en daar het puntje deeg indoen. Alles afstrijken met ei, onder een natte theedoek laten rijzen en in een niet al te hete oven afbakken.Ze rijzen als een gek en worden door het hoog eiergehalte snel bruin. Opletten dus. Maar ze zijn heerlijk.

Voor wat betreft mijn persoonlijke brioches (schoolbroodjes) deel ik het deeg in twee. Ik rol een helft uit tot een 20X40 cm grote lap. (ik meet dat af op mijn aanrecht maar dat kunt u zelf wat aanpassen). Ik besmeer de lap over de hele middenpartij met een vulling, gemaakt van 5 dl melk en twee flinke lepels custardpoeder gebonden op het vuur. Het moet een dikke pudding worden. Daar doe ik 250 gr. gewassen rozijnen in. Deze vulling dus op het midden van de deeglap. Bovenkant naar het midden van de vulling en de onderkant eroverheen. Je krijgt dan een smalle reep waar de vulling in zit. Ik deel de reep in 12 stukken, die ik snel als een kurkentrekker draai en op de bakplaat leg. Het is wat moeilijk uitleggen maar misschien kan ik het eens tekenen en u mailen.
Een andere variatie is het besmeren van de hele lap deeg met de vulling, oprollen en in flinke rollen snijden. Die worden rechtop (met de snijkant naar boven,dus) in een springvorm gezet, met wat tussenruimte om te rijzen. Afbakken in een matige oven en ziedaar een z.g. rozenkoek. (in de vulling gaat geen suiker) "

(Voor de duidelijkheid: u moet het dus zo zien te plooien dat de vulling er in blijft, anders gaat de aardigheid eraf.)

(Ik heb mevrouw J. nog gevraagd of ze wist waar de term "rozenkoek" vandaan kwam, en kreeg het volgende antwoord:)

"De term Rozenkoek komt uit het duits n.l. "Rosenkuchen" . Als u het recept maakt zal het u duidelijk worden. De opgerolde stukjes deeg, gevuld met rozijnen worden rechtop, met het snijvlak naar boven, in een springvorm gezet. Op die manier lijken ze net een verzameling rozen (met enige fantasie). Het zouden ook slakkenhuizen kunnen zijn maar om het nou "slakkenkoek" te noemen, lijkt me niet zo smakelijk.
Overigens is het allemaal niet zo moeilijk als het lijkt. Als je alles stap voor stap opschrijft lijkt het een hele lijst en misschien wel moeilijk, maar eenmaal een goed gistdeeg gemaakt, blijkt het allemaal best mee te vallen. Voor een goed resultaat is rijzen erg belangrijk en daar moet ook echt de tijd voor genomen worden. Anders kun je er iemand het hoofd mee inslaan inplaats van het gewenste, luchtige resultaat. Het draait dus meer om geduld dan om bakkundigheid. Ik wens u en uw dochter veel succes (en geduld)!"

Bovenstaande tekst gaf aanleiding tot een vraag van een geïnteresserde bezoeker. Na terugkoppeling met de auteur zou ik nog het volgende willen toevoegen. Deze brioches wijken in die zin van het klassieke patroon af dat ze niet in een specifieke vorm gebakken worden (wat tot een soort tapse cylinder leidt), maar gewoon in stukken op de bakplaat worden gelegd. Dat kan ofwel in bolletjes-vorm zijn (waarbij die bolletjes wel zodanig dichtgeprutst moeten worden dat de vulling eruit lekt); hiertoe legt u de vulling in het midden van de deeglap en klapt u de deeglap eroverheen en plakt hem dicht. De andere methode is dat u de vulling egaal over de deeglap verdeelt (die dan wat groter en dunnen moet zijn), en de zaak netjes oprolt. Dan snijdt u die deeglap in plakken, en legt u de plakken plat op het bakblik. Van bovenaf hebt u dan een spiraalvormige reep deeg met daartussen de vulling. De baktijd moet dat eventueel iets korter om verbranden van de vulling te voorkomen.

Indien de lezer meent dat hier een geheel nieuwe invulling aan het begrip "brioche" wordt gegeven: dat klopt, en dat is niet alleen zeer gebruikelijk in de culinaire wereld, maar is mijns inziens zelfs te prijzen.

Chocoladecake

Dit recept kreeg ik van onze vriendin Ineke, die waanzinnig lekkere taarten en cakes bakt.

200 gram cakemeel
200 gram witte basterdsuiker
1 zakje vanillesuiker
200 gram (room)boter, op kamertemperatuur
4 eieren (op kamertemperatuur)
paar druppels citroensap
1 reep melkchocolade
1 eetlepel cacaopeder
verder nodig: 1 keukenmachine

Maal de chocoladereep fijn in de koekenmachine. Bewaar dit in een schaaltje. Doe de suiker, vanillesuiker, citroensap en de boter (in kleine stukjes) in de keukenmachine. Doe de 4 eieren erbij en meng dit goed tot een gladde massa. Terwijl de keukenmachine nog draait doe je lepel voor lepel het cakemeel erbij. Tot slot de lepel cacaopoeder en de gemalen chocoladereep.

Vet een cakevorm in en doe het beslag in de vorm. Verwarm de oven voor op 180 graden en bak de cake in 1 uur gaar. Maak de cake los en laat hem uit de vorm afkoelen.

Sinaasappeltaart

Dit recept kreeg ik eveneens van mevrouw A.J., die het omschreef als "bewerkt uit De Joodse keuken door Claudia Roden".

200 gr. amandelen, fijngemalen, geen amandelspijs
8 eieren, gesplitst in witten en dooiers
rasp van 2 sinaasappels
200 gram suiker
snufje zout
1 volle theelapel kaneel
snuf kardamom
snuf gemberpoeder
(deze laatste twee kruiden zijn naar keuze, mogen ook weggelaten worden als men die niet lust)

De amandelen fijnmalen nadat ze van hun bruine velletje zijn ontdaan (dus: even in kokend water broeien, laten uitlekken en dan de velletjes er af schuiven. De eiwitten met 100 gram van de suiker en een snuf zout volkomen stijf kloppen, echt heel stijf.
Dan de dooiers met de andere 100 gram, suiker, de rasp en de kruiderij ook opkloppen. Dit wordt wel niet stijf maar toch mooi lichtgeel. Dan de amandelen er door roeren. Een flinke schep eiwit erdoor roeren, dan de rest er door heen spatelen zodat er zo min mogelijk lucht wordt verloren. Het wordt een heleboel 'deeg' dus voer deze handelingen uit in een ruime kom.
Vet een grote vorm in met boter en bestrooi met bloem zodat er niets kan plakken. Ik weet niet of een springvorm niet doorlekt, anders even bekleden met alu-folie.
Bakken in een voorverwarmde oven op 160 graden 1 uur.
Intussen van het sap van 2-3 sinaasappels en 100 gram suiker een licht stroopje koken. Als de taart uit de vorm komt met een sateh-prikker overal inprikken en bedruppelen met de warme siroop. Alle siroop moet worden opgenomen.
Deze taart is echt een orientaalse tractatie want het lijkt helemaal niet op taart die wij bij de banketbakker kopen. Kan heel goed als toetje bij een bijzondere maaltijd. Het dunkt me dat enige toevoeging van alcohol in de siroop na het koken ook heel lekker is (Curacao, Grand Marnier, Triple sec etc.) maar dat heb ik [mw. A.J., MvD] nog niet uitgeprobeerd.

Kantoorconsuminderen

Bij mij op kantoor was het gebruikelijk dat als je jarig was, gebak ging halen. Alleen, zo langzamerhand hakte dat er toch wel in. Sinds een paar maanden hebben we de afspraak dat we een zelfgebakken taart meenemen. Dat blijkt prima te werken. (Waarbij de term "zelfgebakken" redelijk ruim opgevat mag worden: assistentie van gezinsleden is toegestaan.)

Kwarktaart

Naar aanleiding van het gebleken succes werd collega Gert gevraagd of hij het recept van zijn kwarktaart kon produceren. Bij deze dus, met de aantekening dat hij assistentie van partner Nynke gekregen heeft:

1 pak bastognekoeken
1 pakje boter
grote bak kwark, 500 gram / halve liter
100 gram suiker
vruchten naar keuze
1/4 liter slagroom
9 blaadjes gelatine
springvorm

De boter smelten, bastognekoeken verkruimelen in een beslagkom. In een andere kom de vruchten, afhankelijk van wat ze zijn, in stukjes snijden, en vermengen met de suiker. (Wel leuk om een enige vruchten apart te houden voor er bovenop.) Slagroom stijf kloppen. Gelatine volgens gebruiksaanwijzing weken en smelten.

Bastognekoeken en boter vermengen en in de springvorm doen. (Het hoeft dus alleen op de bodem, niet tegen de zijkanten.)

Gelatine door de vruchten mengen, kwark en slagroom erdoor scheppen. Op de bodem verdelen. In de koelkast goed koud laten worden, wat minimaal 2 uur in beslag neemt. Garneren met de overgebleven vruchten.

Ten aanzien van de vraag welke vruchten geschikt zijn: Gert heeft goede ervaringen met perziken (uit blik) en aardbeien (vers). Maar hij sluit niet uit dat andere constructies ook eetbaar zijn.

Zijn commentaar omtrent de moeilijkheidsgraad tenslotte: "onwijs gecompliceerd".

Appeltaart

Vervolgens werd er uiteraard met enig leedvermaak afgewacht waar ik mee zou komen aanzetten. Dat werd appeltaart, en het viel niet eens tegen. (Er werd me tenminste gevraagd wanneer ik weer jarig was.) Ik moet hier full credits geven aan Irene, die ik tijdens dit project regelmatig bij haar drukke bezigheden gestoord heb.

Ik volg in grote lijnen het recept van mevrouw Wannée, hoewel ik wat dingen anders doe, en verder bespreek ik de gang van zaken wat uitgebreider. Tevens is dit een wat grotere versie, voor 12 redelijk grote punten. Ik heb met name de verhouding deeg/totaal wat vergroot, omdat ik anders gewoon niet uitkwam en er gaten in vielen. Kwestie van heel netjes werken: Irene bericht me dat ze mijn versie gevolgd had en juist deeg over hield. OK. Maar die is bij ons thuis dan ook de appeltaartexpert.

500 gram bloem
150 gram witte basterdsuiker
300 gram margarine, zo uit de koelkast
pietsie zout
2 eieren, losgeklopt
1,5 kilo appels
citroensap (redelijk wat)
200 gram rozijnen
nog wat margarine om de vorm in te vetten
spuitbus slagroom voor er overheen
springvorm van 28 cm doorsnede
2 beslagkommen
invetkwastje
keukenmachine is eigenlijk wel erg handig
en een oven, om compleet te zijn

Ergens halverwege het proces moet u de oven voorverwarmen op 175 graden, maar u bent wel even bezig voordat u over een ovenklare taart beschikt. Stap 1: schil de appels, snij die in vrij kleine stukjes, doe ze in een kom, sprenkel er citroensap overheen en schep ze om. (Dat van die kleine stukjes heeft ermee te maken dat u dan later er nettere punten van kunt snijden.) was de rozijnen, laat ze uitlekken en doe ze bij de appels, door elkaar scheppen.

Doe bloem en basterdsuiker in de bak van de keukenmachine. Helft van het eimengsel erbij. Boter in redelijk kleine stukjes snijden, ook erbij. Machine (met een scherp mes) laten draaien. Misschien moet u af en toe even de zaak doorscheppen om een egale verdeling te krijgen. Het mengen duurt overigens wel even, gewoon geen haast hebben. Als het resultaat wat brokkelig wordt: geen nood. Zometeen moet u de zaak met de hand nog even "nakneden", en dan gaat het er een stuk deegachtiger uitzien.

Dan komt een rustig knutselklusje: het verdelen van het deeg over de vorm. Vorm invetten, en een kwart van het deeg apart zetten voor zometeen. Driekwart van het deeg egaal over bodem en zijkanten verdelen, kwestie van gewoon met uw duimen duwen, als er een gat ontstaat ergens anders een stukje deeg vandaan halen en het gat dichten.

Dan de appels erin.

Dan het rasterwerk bovenop, wat een appeltaart tot een klassieke appeltaart maakt. Beetje knustelen: stukje deeg nemen, tot een cylinder van de gewenste lengte rollen, die afplatten, en dan zien dat u hem van de sijplank krijgt zonder dat-ie breekt. If so, gewoon opnieuw beginnen. Op die manier een rater op de taart leggen, zo mogelijk nog een rolletje aan de bovenkant langs de rand leggen. Dan het zichtbare deeg bestrijken met de rest van het ei, wordt hij mooi glanzend van.

Dan mag hij de oven in. Op iets van anderhalf uur mag u wel rekenen, maar kijkt u af en toe eens hoe het gaat. Als hij qua kleur mooi middelbruin is, mag hij eruit. In de vorm laten afkoelen. Dit was het resultaat:

In punten snijden, en op elke punt een streep slagroom spuiten.

Een tip die Patricia V. me stuurde: "In plaats van alleen appels en rozijnen te gebruiken voor de appeltaart, kan je deze ook aanvullen met gewelde tutti frutti. Je zult versteld staan van het reultaat."

Chocoladerumtruffels

Dit recept werd me toegestuurd door Daphne, die het, op bondige wijze, beschreef als "n beetje een klieder werkje maar wel erg lekker en ik denk dat je er +/- 30 kunt maken voor nog geen 3 euro scheeld aardig met wat je in de winkel betaald en is vrij simpel te doen:D"

Ik ben zo vrij geweest kleine tekstuele aanpassingen aan te brengen.

100 g bittere chocolade (zo puur als je kunt vinden dus)
275 g gezeefde poeder suiker
100 g ongezouten roomboter
klein maatje (2 eetlepels) rum (bacardi is ook prima denk dat likeurtjes ook lekker zouden zijn:)
en cacao of hagelslag of vruchtenhagel of iets dergelijks
Aan hardware hebt u nodig:
1 pan
1 vuurvrij bakje
1 garde
1 zeef

Breek de chocolade in (kleine!!!) stukjes in het bakje,zet de pan met water op het fornuis en breng dit aan de kook. Zet het bakje er in en smelt voordurend roerend de chocolade (au bain marie dus) totdat hij mooi glad is, let op: hij mag niet gaan koken.
Ongeveer 50 graden is hoog genoeg
Haal de pan van het vuur en doe beetje voor beetje de poedersuiker er bij daarna de boter en de rum en blijven roeren tot het weer glad is.
Daarna ongeveer 20 minuten in de koelkast zetten zodat t makkelijker is om er balletjes van te draaien.
Draai daarna dus de balletjes (grootte mag je zelf bepalen maar een stuk of 30 kun je er makkelijk uit halen) en rol deze door de cacao of hagelslag of iets dergelijks, voor de versiering. Laat nog 4 uur in de koelkast staan om op te stijven en daarna kun je ze serveren:D
Het is overigens lekkerder als je ze op kamertemperatuur laat komen

Tot zover Daphne. Opmerking van mijn kant: als u een magnetron hebt, is het wel erg makkelijk om de chocola daar in te smelten. Dat au bain marie-gedoe vind ik toch wel tamelijk lastig. Maar zonder lukt het ook.